Tilburg - Curaçaobuurt, Indische buurt en Armhoefse Akkers

Door Petra Robben met dank aan Rob van Putten

Tilburg kent drie Indische buurten: de Curaçaobuurt, de Indische buurt en de Armhoefse Akkers. In dit artikel worden zij met elkaar vergeleken. In hoeverre zijn er overeenkomsten en wat zijn de verschillen? Is de Tilburgse straatnaamgeving te relateren aan het type huizen en / of bewoners of is die geheel willekeurig?

´Een dubieuze heldenrol’

De ‘Indische’ straatnamen verwijzen naar de voormalig koloniale betrekkingen van Nederland. Interessant is wel om te onderzoeken hoe er in Tilburg door de jaren heen, gedacht is over onder andere de rol van de gouverneur-generaals in Nederlands-Indië. Zo lezen we in het B en W-besluit van 19 mei 1930 dat Jan Pietersz. Coen als ‘onderkoopman in dienst der O.I.C. naar Indië vertrok en er spoedig opklom tot gouverneur-generaal in 1617. … Na verbitterden strijd stichtte hij in 1618 op de puinhoopen van het oude Jacarta de nieuwe stad Batavia en wist door groote veldheersbekwaamheden, gepaard aan een bijzonder organisatietalent de grondslagen te leggen van onze koloniale macht.’ In 1930 werd J.P. Coen blijkbaar nog als een held gezien. Ook vijftien jaar later, in 1945, toen er een historische optocht plaatsvond in de wijk Armhoefse Akkers, zien we op een foto dat buurtbewoners, verkleed in Oost-Indische kledij en met bruin geschminkte gezichten, naast een kar lopen waarop J. P. Coen op een sokkel troont. In het bijschrift, geschreven in 1994, wordt verwezen naar de dubieuze ‘heldenrol’ van de gouverneur-generaal: ‘Werd in 1945 J.P. Coen nog als een held vereerd, het laatste stukje uit het denkcursiefje van [de Tilburgse pastoor] Witlox … laat aan duidelijkheid niets te wensen over.’ Gedoeld wordt hier op een column in het lokale huis-aan-huisblad, De Tilburgse Koerier uit 1991: ‘Over onze kolonialen kunnen we best een toontje lager zingen. Straatnamen in een Tilburgse buurt herinneren nog aan die harde geschiedenis. J.P. Coen, Jan Maurits van Nassau, Daendels, Van Heutsz … er zit nog een ware slavenjager tussen ook.

De oudste Indische buurt in Tilburg

Ten oosten van de stad langs de geprojecteerde Ringbaan-Oost werd vanaf de jaren 1922 de Indische buurt aangelegd. Tot de eerste straten behoorden onder andere de Billitonstraat, Bankastraat en Borneostraat. In 1931 lezen we in de Nieuwe Tilburgsche Courant een publieke verkoop van 48 woonhuizen met ‘erven en tuin’ aan de Javastraat, Celebesstraat, Borneostraat en Bankastraat. Elk woonhuis was ingedeeld als volgt: beneden een gang, twee kamers en suite, een keuken, bijkeuken en ‘keldertje’. Boven waren er drie slaapkamers en een zolder. De prijzen varieerden van fl. 6,50 per week tot fl. 28,30 per maand. Uit de krant van 1936 blijkt dat er aan het Bataviaplein in Tilburg een verhuurder actief was. Deze bood huizen aan onder andere in de buurt Loven (Tilburg Oost): ‘Zij die gaan trouwen, en een mooie woning zoeken à fl. 4,50 à fl. 4,75 per week. Bevragen bij Bataviaplein 13

Van ‘onmaatschappelijken’ tot de betere stand

In 1930 kwamen de Curaçaostraat, Bonairestraat en Arubastraat tot stand. Deze buurt, gelegen aan de latere ‘ceintuurbaan’ en Ringbaan-Noord, was bedoeld voor de laagste klassen van de Tilburgse bevolking. De locatie was een weiland van de Tilburgse boer Mutsaers. Het was allesbehalve toeval, dat de toekomstige buurtbewoners op agrarische grond, ver buiten de bebouwde kom, werden geplaatst. De gemeente Tilburg voorzag problemen met uit noodwoningen afkomstige bewoners met hun ruwe manieren. In de jaren ’50 werd de Bonairestraat nog bevolkt door‘onmaatschappelijken’, wat zou blijven tot en met de 21e eeuw.

Bovenstaande is slechts een fractie van de bijdrage van Petra Robben. De volledige tekst verschijnt medio 2018 in het boek Onze Indische Buurten over alle Indische buurten in Nederland.

Historische foto's

Oost-Indische buurt: Eilandennamen

Oost-Indische buurt: Armhoefse akkers - gouverneurs-generaal

West-Indische buurt, voorheen Curaçaobuurt nu Goirke-West